Veel kls willen wel postbode worden, maar .... dat kan niet zomaar.
Wat moet een postbode zo allemaal kunnen ?
- vroeg opstaan en niet bang zijn in het donker. Je mag wel een zaklamp meedoen.
- je moet goed adressen kunnen lezen.
- goed brieven kunnen sorteren want anders moet je teveel heen en weer rijden.
- met de fiets, een elektrische fiets, een motorfiets of auto kunnen rijden, maar je mag zelf niet kiezen. Je baas zegt wat jij moet doen.
- niet bang zijn voor honden want die vinden het nog steeds niet leuk dat je snel iets in de brievenbus steekt en dan weer doorrijdt. Als ze kunnen, bijten ze soms wel eens in je been.
- je moet een uniform dragen die je krijgt van je baas, dat ziet er anders uit dan van de politie.
- goed kunnen tellen en cijfers kunnen herkennen om de juiste huisnummers te vinden.
- met een duimeling op je duim, de brieven uit je brieventas kunnen halen.
- tegen regen, wind en koude kunnen want de post moet altijd naar de mensen worden gebracht.
Wat onthouden we zeker als we een brief versturen ?
- op de voorkant moet ons adres,
- bovenaan in 't hoekje rechts moet een sticker, dat heet een postzegel.
- op de achterkant moeten we ons eigen adres zetten want soms verhuizen mensen en zo kan de postbode onze brief terugbezorgen aan ons want hij mag ze niet opendoen om te kijken van wie ze zijn.
In de klas knutselen we vanalles en leren zo goed mogelijk ons adres vanbuiten. Niet simpel hoor.
We schreven al een brief naar de vriendjes van de visjesklas en wachten nu vol ongeduld op een brief voor ons.
En.... wist je dat juf Els een vriendin heeft die Marjolijn heet en in het buitenland woont ? Die heeft toevallig ook een kleuterklas 😉 dus kleurden wij een mooie nieuwjaarswens. Hopelijk krijgen we post terug. Stel je voor .... post uit het buitenland.... zou die er anders uitzien, dan post van hier ?
